Samenvatting van het werk
Looptraining met speciaal geveerde springschoenen is een relatief onbekende sport. In een vergelijking met normaal joggen en trampolinespringen werden, samen met de VDIni-Club Bremen (het techniekkinderclubje van de Vereniging van Duitse Ingenieurs), de versnellingskrachten en de effecten van deze verschillende sporttoestellen op het lichaam onderzocht.
De resultaten laten zien welke versnellingskrachten inwerken op het enkelgewricht, de rug en het hoofd van een sporter. Ongeschikt joggingschoeisel en buitensporig hoge sprongen met speciale springschoenen leiden tot belastingen met blessurerisico. De trampoline daarentegen maakt springtraining met optimale demping mogelijk. Voor de vergelijking tussen joggen op hardloopschoenen, lopen op springschoenen en trampolinespringen werden de versnellingen gemeten bij het enkelgewricht, de rug en het voorhoofd.
Gebruikt werd een therapeutische trampoline van de Duitse fabrikant bellicon. De bijzondere producteigenschap van dit model is de veerende sprongmatophanging met rubberen touwen. In deze test werden de versnellingen gemeten bij het enkelgewricht, op de rug ter hoogte van de lendenwervels en op het hoofd (voorhoofd).
Vergelijking van de belastingsschokken bij joggen op hardloopschoenen, veerschoenen en zacht trampolinespringen:
In navolging van het bestaande onderzoekswerk van sportwetenschapper Jens Heidenfelder werd voor een beter begrip van de meetresultaten een fasemodel geïntroduceerd, bestaande uit een inslagfase (1), een contactfase (2) en een voorwaartse fase (3).
Fase 1 beschrijft het eerste bodemcontact, in fase 2 vindt het verdere afwikkelen van de voet plaats en in fase 3 de voetvoorwaartse beweging, dus de verplaatsing van de voet tot het volgende bodemcontact.
Bij zacht trampolinespringen, zonder wezenlijk van de sprongmat los te komen, werden bij voet, rug en hoofd bijna identieke versnellingswaarden van bijna 3g gemeten. Het wordt duidelijk dat er geen inslagschok aanwezig is. Omdat het springen gelijktijdig met beide voeten en zonder voortbeweging gebeurt, kreeg deze fase een nieuwe naam. Tijdens deze vluchtfase, dus zolang de voeten de sprongmat niet raken, bedroeg de versnelling 0g. De sporter bereikt hier een toestand van gewichtloosheid.
Trampolinespringen op de bellicon® is vrij van inslagschokken. Het blessurerisico is daardoor gering. Verrassend gelijkmatig ondervinden alle lichaamsdelen een zachte, schokvrije wisseling van belasting.
Samenvattend is de therapeutische trampoline het gezondste sporttoestel.